Home

Daniëls Training & Begeleiding

Topdog SOVA training

 

Herken je de volgende uitspraken?

 

  • Ik word gepest en geplaagd op school.
  • Ik vind het moeilijk om nieuwe vrienden en vriendinnen te maken.
  • Ik heb wel eens ruzie en eigenlijk wil ik dat niet.
  • Ik durf geen ‘nee’ te zeggen.
  • Ik reageer op alles wat er om me heen gebeurt.
  • Ik word snel boos.
  • Ik vind het moeilijk om voor mezelf op te komen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dan is een TopDog SOVA training misschien wel iets voor jou.

TopDog is een training waarbij je werkt aan sociale vaardigheden, weerbaarheid, zelfbeheersing en zelfvertrouwen.

Tijdens deze training werk je samen met een hond.

Je doet veel en je praat weinig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In het onderstaande filmpje kun je bekijken wat we allemaal doen tijdens de trainingen.

Bekijk het filmpje op groot scherm voor het beste beeld.

Wat doe je bij TopDog?

 

Een TopDog SOVA training bestaat uit 12 bijeenkomsten.

De eerste bijeenkomst is een kennismakingsgesprek en de matching met een hond. Hierbij wordt er gekeken of er een ‘klik’ is tussen jou en de hond.

Daarna volgen tien trainingsbijeenkomsten.

Tijdens de tien bijeenkomsten leer je met een hond omgaan op een verantwoorde en plezierige manier. Hierbij gaan we uit van natuurlijk hondengedrag en leer je dit natuurlijke hondengedrag begrijpen.

Elke trainingsbijeenkomst beginnen we altijd eerst met een stukje theorie, daarna hebben we even pauze.

Na de pauze doen we de droogoefeningen, dat is oefenen zonder hond. Als laatste komt de hond erbij. Alles bij elkaar duurt een trainingsbijeenkomst ongeveer een uur.

Tijdens de laatste bijeenkomst sluiten we de training af en krijg je een certificaat.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wat leer je bij TopDog?

  • Je leert observeren (kijken)

Zien wat de hond doet en begrijpen wat de hond wil zeggen.

  • Je leert afwegingen te maken (denken)

Welke mogelijkheden heb je om met het gedrag van de hond om te gaan.

  • Beslissingen nemen (denken)

Je maakt een keuze en je gaat ervoor.

  • Een keuze uitvoeren (doen)

Goed uitvoeren, zorgt ervoor dat het beter gaat.

  • Expressief zijn in lichaamstaal (doen)

Durf je te laten zien en ruimte in te nemen.

  • Effectief zijn in lichaamstaal (succeservaring)

Sociaal acceptabele en goed uitgevoerde acties leveren succes op.

  • Spelen met communicatie (plezierige ervaring)

Communiceren is leuk.